Mis deel 1 van de Botjesstraat-trilogie niet

In de winter van 1854 is de slaapstee boven het café in de Botjesstraat het tafereel van een bloederige moord. Of was het zelfmoord? In de slaapstede ontdekt Willempje Saarloos als stille getuigen een scheerkwast, een vlijmscherp scheermes en een trommeltje met daarin een nagelaten briefje van de zo tragisch overleden Jan Zondag. Dat stemt tot nadenken en bijna alle inwoners van het dorp Klaaswaal hebben in die week wel iets verdachts gezien. Zij leggen daarover graag een getuigenverklaring af. Vooral het nagelaten briefje en het scheermes houden de gemoederen flink bezig.
Door de medewerking van Huib Wolf heb ik voor dit deel naast veel oude krantenartikelen, veel juridisch naslagwerk verkregen voor wat betreft de verhoren en verslagen van de uitspraak bij het gerechtshof. In die tijd was men bepaald niet scheutig met wie wat vertelde, als auteur kon ik dus putten uit een rijke beschrijving van getuigenverklaringen. Dat veel dorpelingen uiteindelijk het rijtuig namen of van de diligence gebruik maakten om de uitspraak bij de rechtbank te beluisteren zal dan ook geen verrassing zijn.